Over de blog

Deze blog kent drie ‘smaken’: korte columns, wat langere essays/artikelen en een speciale categorie, waarbij een elders verschenen column/artikel van een in- en/of uitleiding is voorzien. De columns zijn tot dusver voornamelijk geschreven door Dirk Bezemer, Dirk Damsma en Eric Kamphuis, de rest door mij (tenzij anders vermeld).

De columns van Dirk Bezemer zijn overgenomen van De Groene Amsterdammer, waar hij iedere twee weken – afwisselend met Ewald Engelen – de economiecolumn schrijft. De andere twee auteurs (informatie over hen vindt u hier) schrijven exclusief voor Eco Simpel, al zijn eerdere versies soms elders verschenen. Mijn stukken zijn onder meer gepubliceerd op Follow the Money (eerst als S. de Beter, later onder eigen naam), in Argus, ESB-online, Scienceguide, Sargossa, Joop!, One World, Trouw en Dagblad van het Noorden.

Om u enigszins wegwijs te maken in de bonte verzameling van onderwerpen en ‘smaken’ op deze blog, zijn de columns en andere blogposten niet alleen chronologisch maar ook in series ondergebracht (klik op “SERIES” op de homepagina). Bij elk van deze series wordt in de bijlage een korte toelichting gegeven. Maar eerst beschrijf ik wat mij voor ogen stond toen ik met deze blog van start ging en wat u op deze blog ongeveer kunt verwachten.

Waarom deze blog

De meeste economen blazen hoog van de toren, terwijl we eigenlijk jammerlijk tekort schieten in onze taak. Wij zijn blijkbaar nog steeds niet in staat om overtuigende verklaringen of oplossingen te vinden voor brandende economische problemen, zoals armoede, klimaatcrisis, werkloosheid, financiële crises e.d. We kunnen niet langer de beschuldigende vinger uitsteken naar ‘die domme politici’ die niet willen luisteren naar de wijze raad van economen. Ook het argument dat alleen de Neoklassieke economen hebben gefaald – en de andere economische scholen beduidend beter zijn – is vaak een loze kreet. Het is waar: de andere sociale wetenschappen bakken er ook niet zoveel van! Om maar te zwijgen van de talrijke filosofen en bedrijfskundigen die met veel poeha allerlei open deuren intrappen, of de zaken ingewikkelder maken dan ze zijn. Naar anderen wijzen levert echter niets op. “Verbeter de wereld, begin bij jezelf”, dat kan niet vaak genoeg worden gezegd. “Be the change you want to see in the world”, zoals Gandhi het zei.

Nieuwe stappen zetten

Hoe een nieuwe start te maken? Allereerst met bescheidenheid. We zullen moeten erkennen dat we nog steeds niet veel zijn opgeschoten met het analyseren en verklaren van belangrijke economische verschijnselen. De Nobelprijs voor de Economie afschaffen zou een mooi symbolisch gebaar zijn, zoals ik hier bepleit.

Zelfkritiek is een volgende stap. Wat doen we verkeerd? Wat zijn ‘verkeerde’ modellen of concepten? Hebben we teveel modellen, zodat we door de bomen het bos niet meer zien? Wat is overbodige ballast en moet dus verdwijnen?

Daarnaast moeten er nieuwe prioriteiten worden gesteld. Wat zijn de dringende maatschappelijke en wetenschappelijke vraagstukken waar economen en andere sociale wetenschappers meer energie in moeten steken? En hoe verhouden wij ons tot ‘gewone burgers’ en vooral ervaringsdeskundigen?

Misschien is die laatste vraag wel de belangrijkste. Sociale wetenschappers moeten zich niet alleen op vakgenoten richten, maar als het ware tot de hele mensheid met als kernvraag: hoe krijgen we een betere wereld?En beseffen dat ook gewone mensen iets zinnigs over deze vraag te zeggen hebben.

Al kunnen ze dat meestal niet zo goed verwoorden, zeker niet in academisch jargon. Het staat niet bij voorbaat vast dat academische deskundigen het beter weten dan ervaringsdeskundigen, met name als het om individuele gevallen of kwesties gaat.

Simpel maken

Hoe kunnen sociale wetenschappers ertoe bijdragen dat ervaringsdeskundigen en anderen die met hun voeten in de klei staan, betere beslissingen nemen – want daarin ligt toch hun toegevoegde waarde. Niet door zich superieur te wanen, zoals meestal het geval is. Niet door zich terug te trekken in hun ivoren torens en alleen in toptijdschriften te schrijven. Want die worden wel vaak geciteerd maar nauwelijks gelezen (en dat is vaak maar beter ook), zelfs niet door vakgenoten.

Het streven naar waarheid door het uitbannen van onwaarheid”, deze uitspraak van John Lukacs zou het leidende beginsel in het wetenschappelijk onderzoek en onderwijs moeten zijn, niet alleen voor historici – waar hij over sprak – maar ook voor economen en andere sociale wetenschappers, zowel op de universiteit als op het HBO. Dat zou betekenen dat het verwerpen van hypothesen belangrijker is dan deze proberen te bevestigen. Dus het omgekeerde wat er nu in het academische circuit plaats vindt.

Ook moeten we economie weer simpel maken. “Het is heel makkelijk om iets moeilijker te maken, maar het is heel moeilijk om iets makkelijker te maken.” Een citaat van Jos de Blok, oprichter van Buurtzorg Nederland, inmiddels de grootste thuiszorgorganisatie van Nederland. Een bedrijf dat is overladen met prijzen voor Beste Werkgever en Beste Marketing, terwijl ze niet eens een aparte afdeling hebben voor HRM en marketing.

In de academische wereld zijn er juist allerlei prikkels om de wetenschap steeds ingewikkelder te maken, zoals de peer-review door louter vakgenoten. Zeker bij de sociale wetenschappen is dat contraproductief: naarmate de gewone burger minder snapt waar we mee bezig zijn en wat onze toegevoegde waarde is, zullen ze ons nog meer links laten liggen dan nu al het geval is.

Grote Schoonmaak

Met mijn blog wil ik een bijdrage leveren aan de Grote Schoonmaak die hoognodig moet plaatsvinden in de economische wetenschap. Door onwaarheden te traceren, en door mijn essays vooral te richten op de geïnteresseerde leek en op de beginnende student, zodat ik mijzelf moet dwingen het verhaal simpel te houden, en de hoofdzaken van de bijzaken te scheiden. Weg met al die theorieën en modellen die het zicht op de economische werkelijkheid eerder vertroebelen dan verhelderen. En weg met al die leermethoden die de potentiële wetenschappelijke nieuwsgierigheid eerder verstikken dan stimuleren. Economisch onderzoek (en onderwijs) moet weer leuk en boeiend worden, en ik hoop met mijn blog het goede voorbeeld te geven.

Ik heb niet de illusie dat mijn blog het economenbolwerk op haar grondvesten zal doen schudden. Maar zoals Willem van Oranje het ooit zei: “men hoeft niet te hopen om iets te ondernemen, noch te slagen om te volharden”. Naast de energie die het schrijven mij geeft, zie ik mijn blog als een morele en maatschappelijke plicht. In de woorden van Edmund Burke: “The only thing necessary for the triumph of evil, is for good people to do nothing”. Positiever geformuleerd: ik wil daartoe bijdragen dat ik de wereld beter verlaat dan toen ik haar betrad, terwille van mijn (klein)kinderen en allen die mij lief zijn.

Wat u kunt verwachten

Commentaar op actuele gebeurtenissen zult u op deze blog zelden aantreffen; nog het meest bij Dirk Bezemer. Wel probeer ik aan te sluiten bij lopende discussies, bijvoorbeeld over het basisinkomen (zie hier). Evenmin zal mijn blog met vaste regelmaat verschijnen. Ik zet mijn schrijfsels pas op internet als ik redelijk tevreden ben en geen verbeteringen kan bedenken.

Mijn artikelen zijn bijna altijd te lang en soms te academisch om ze als (digitale) columns te bestempelen. Ze zitten meestal ergens tussen een populair-wetenschappelijk artikel en een essay. Is ‘blessay’ (blog-essay) de beste benaming? Ik bied geen literatuurlijst, maar verwijs wel steeds naar de bron van de gegevens of redeneringen die ik in mijn betoog gebruik. Ik beperk mij daarbij tot de naam van de auteur(s), het publicatiejaar en – indien relevant – de pagina(‘s). Want met internet zijn deze gegevens voldoende om de betreffende publicaties te vinden. Hier vindt u mijn opvattingen over literatuurlijsten en -verwijzingen.

Ik beperk mij ook niet tot een specifiek thema, al heb ik wel mijn voorkeuren (klik hier op ‘series’). Ik heb een brede interesse en laat mij vaak leiden door wat ik toevallig tegenkom: een boek in de uitverkoop, een lezing, een gesprek met vrienden, surfend op internet terwijl ik naar iets anders zoek. Ik ben dol op serendipiteit: je bent op zoek naar een speld in de (digitale) hooiberg en komt eruit met een mooie meid, zoals iemand dit verschijnsel omschreef.

Fascinatie of irritatie, meestal de combinatie, dat is mijn brandstof voor deze blog. Ik schrijf liever over onderwerpen waar ik nog niet zoveel vanaf weet, dan over mijn eerdere onderzoeksthema’s. Ik word vooral geprikkeld als mijn vakgenoten voortdurend hetzelfde liedje zingen, terwijl het vals klinkt en op een twijfelachtige partituur berust.

S. de Beter

BIJLAGE: korte inhoud per serie

Dirk Damsma.

De neoklassieke theorie, al enige decennia de mainstream in de economische wetenschap, is gebaseerd op uitgangspunten die bij nadere beschouwing vaak een ideologisch doel dienen. De wiskundige modellen die bij de toepassing van deze theorie worden gebruikt, kunnen bijzonder complex zijn. Zodat studenten, docenten en onderzoekers vooral worden beoordeeld naar de mate waarin ze met complexe wiskundige technieken overweg kunnen. Zij die op zoek zijn naar economische analyses en oplossingen die kunnen bijdragen aan een betere wereld, hebben het moeilijk onder zo’n academisch regiem. Met zijn columns wil hij hen een steun in de rug geven. De meeste van zijn columns zijn eerder verschenen in Rostra Economica.

Samen in ontwikkeling?

De gangbare economische wetenschap kenmerkt zich vooral door haar oriëntatie op de westerse cultuur. Dat is niet zo vreemd is als we kijken naar de grondleggers van deze sociale wetenschap. Al te snel wordt aangenomen dat het economische perspectief overal ter wereld hetzelfde is: “Er heerst altijd en overal schaarste en iedereen wil economische vooruitgang”.
De serie “Samen in ontwikkeling?” wil laten zien dat beweringen van een dergelijke soort op vooringenomenheid berusten en dat de sociaaleconomische werkelijkheid – waar ook ter wereld – altijd veel gelaagder en gevarieerder is, en die zeker voor ontwikkelingslanden minder gekend wordt. Bij ontwikkelingssamenwerking geeft dit allerlei misverstanden. Eric Kamphuis is in zijn internationale werk hiervan vaak getuige geweest. In zijn columns worden conceptuele noten gekraakt, gangbare praktijken bevraagd of persoonlijke observaties gedaan

Dit moet beter

The Economist publiceerde begin 2018 een serie over tekortkomingen van de economische professie. De eerste twee afleveringen gaan over macro-, de derde over micro-economie. De laatste twee afleveringen gaan over andere kwesties. Eerst over de vraag of economen zich voldoende richten op zaken die voor de gewone mens belangrijk zijn. Daarna over de toetredingsdrempels die de economische professie tot een monocultuur dreigen te maken. Zoals gebruikelijk bij dit 175 jaar oude tijdschrift, blijft de auteur van deze artikelen onvermeld. De korte inleidingen zijn van S. de Beter.

Heeft de econoom geen kleren aan?

De meeste economen vinden zich heel wat, in ieder geval beter dan andere sociale wetenschappers. Zij kunnen tenminste rekenen, tot op de komma nauwkeurig. En zelfs in aanmerking komen voor een Nobelprijs. Dit superioriteitsgevoel is niet terecht, zo is de teneur van deze serie.

Het eerste twee artikelen gaat voornamelijk over het CPB, het economisch bolwerk van waaruit politici, bestuurders en burgers worden bestookt met (overwegend macro-economische) berekeningen en voorspellingen. Na een artikel over de Nobelprijs voor Economie (voor meer, zie hier) aandacht voor de claim van de Koninklijke Vereniging voor Staathuishoudkunde (KVS) dat zij de oudste beroepsvereniging voor economen ter wereld is. Ach laat ze toch in die waan, dacht ik eerst. Maar toen besefte ik dat waarheidsvinding heilig zou moeten zijn voor iedere (sociale) wetenschapper. En dat begint bij elementaire beweringen, zoals de bovengenoemde claim.

Naast twee artikelen over de voormalige CPB-directeur Coen Teulings, vind u een analyse over gedragseconomie en het vrijwel ontbreken van replicatie-onderzoek in de economische wetenschap.

Nobelprijs voor economie

Mijn eerste blogpost, in juni 2016, ging over de Nobelprijs voor de Economie. Geen echte Nobelprijs maar een prijs die is georganiseerd en gefinancierd door de Centrale Bank van Zweden. Nadat ik de publicaties van Avner Offer en Gabriel Söderberg ontdekte, schreef ik eerst over de functie en daarna over de gevolgen van deze prijs. In de resterende artikelen van deze serie aandacht voor de Nobelprijswinnaars in 2018, William Nordhaus en Paul Romer, die nogal wat discussie hebben losgemaakt.

Basisinkomen en basisbanen.

In mijn eerste artikel over het basisinkomen was ik vóór invoering. Toen ik mij echter ging verdiepen in het voorstel van Milton Friedman voor een negatieve inkomstenbelasting (door mij aangeduid als garantie-inkomen), werd ik echter steeds sceptischer. Deze serie over basisinkomen en basisbanen kan dus worden gelezen als een verslag van mijn heroriëntatie en leerproces.

De kortste klap is het lezen van de eerste en de laatste aflevering, om een vergelijking te maken tussen mijn oorspronkelijke stellingname en mijn (voorlopig) nieuwe standpunt. De langere route voert langs de rol van het garantie-inkomen op het functioneren van de arbeidsmarkt en op de combinatie met onderwijsvouchers (een ander bedenksel van Friedman). En langs de discussie over basisbanen, die meestal als een alternatieve oplossing van het werkloosheidsprobleem wordt gepresenteerd. Ik zie eerder een complementaire relatie: het garantie-inkomen biedt betere waarborgen dat het creëren van basisbanen niet ontaardt in een uitdijende paternalistische overheidsbureaucratie waarin middelbaar opgeleide ambtenaren, aangestuurd door hoger opgeleide managers en deskundigen, gaan voorschrijven aan laagopgeleide baanlozen welke werkzaamheden zij moeten uitvoeren. Mijn enigszins afwijkende opvattingen over basisbanen, ook wel aangeduid als baangaranties, zijn hier en hier te vinden. Raakt u tijdens deze lange route de weg kwijt en heeft u behoefte aan een helikoptervisie, dan is deze aflevering het meest geschikt om het totaalplaatje te zien.

Een korte beschrijving van de overige series verschijnt binnenkort

Share

2 Reacties.

Laat een reactie achter op Mark van Overveld Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *