Alles van waarde heeft geen prijs?

Alles van waarde is weerloos” schreef Lucebert in 1974. Deze dichtregel kent bijna iedereen (en wordt in allerlei varianten en contexten gebruikt). Wat veel minder geldt voor het mooie raadselachtige gedicht waaruit deze afkomstig is; voor een politiek-getinte bespreking, zie hierDeze dichtregel is als het ware losgeraakt uit het grote geheel.

In de economische wetenschap gebeurt eigenlijk hetzelfde: ieder product, van auto tot aardappel, heeft diverse aspecten en eigenschappen maar economen kijken alleen naar de prijs en andere kwantitatieve maatstaven (afzet, omzet, kosten, e.d.). Op deze manier kunnen zij zich uitleven met hun favoriete gereedschap : wiskunde in de vorm van econometrische modellen en statistische technieken. Maar dit heeft wel een keerzijde: economen hebben weinig of niets te zeggen over andere zaken die vraag en aanbod van een product bepalen, zoals ik hier laat zien bij de opmars van biologische producten.

Economen zullen tegenwerpen dat hun vakgebied wel degelijk oog heeft voor de waarde van een product. Die zij omschrijven als het nut (‘utility’ op z’n Engels) dat consumenten aan een product toekennen. Dit concept, gebaseerd op het utilitarisme van Jeremy Bentham, heeft echter alleen betekenis voor de ‘schoolbord economie’, zoals Ronald Coase dit noemt (‘blackboard economics’). Zeker, het leent zich uitstekend voor mooie grafieken (de iso-nutscurve en de budgetlijn), en het lijkt alsof je de wiskundige capaciteiten van scholieren en studenten ermee kunt toetsen. Wil je daarentegen reële economische vraagstukken analyseren en aanpakken, dan heeft het nuts-concept geen enkel nut.

Deze tekortkoming van ‘mainstream economics’ geldt overigens niet alleen voor het consumentengedrag. “We have consumers without humanity, firms without organization, and even exchange without markets.”, zoals Ronald Coase het kernachtig uitdrukt.

Dit citaat staat op pagina 3 van een van mijn favoriete economieboeken, die ik nog regelmatig herlees: The Firm, the Market and the Law. Gepubliceerd in 1988 en nog steeds leverbaar en besproken. Een boek dat eigenlijk iedere econoom in zijn boekenkast (en gelezen!) moet hebben. Of voor Sinterklaas moet vragen of geven. Voor meer informatie over Ronald Coase, lees hier de korte, toegankelijke en misschien wel beste introductie op zijn leven en werk.

De tekst tot dusver is een wat uitgebreide inleiding op het vierde artikel uit The Economist in de serie over tekortkomingen van de economische professie. De titel zegt genoeg: “Economists focus too little on what people really care about”. Ik heb Nederlandstalige tussenkopjes ingelast om de diverse subthema’s beter te onderscheiden. En aan het eind nog iets actueels toegevoegd.

A cynic, says one of Oscar Wilde’s characters, is a man who knows the price of everything and the value of nothing. But, as philosophers have long known, assigning values to things or situations is fraught. Like the cynic, economists often assume that prices are all anyone needs to know. This biases many of their conclusions, and limits their relevance to some of the most serious issues facing humanity.

The problem of value has lurked in the background ever since the dismal science’s origins. Around the time Adam Smith published his “Wealth of Nations”, Jeremy Bentham laid out the basis of a utilitarian approach, in which “it is the greatest happiness of the greatest number that is the measure of right and wrong”. In the late 19th century Alfred Marshall declared the correct focus of economics to be the “attainment and…use of material requisites of well-being”. Or, as his student, Arthur Pigou, put it, “that part of social welfare that can be brought directly or indirectly into relation with the measuring rod of money”.

Equating money with value is in many cases a necessary expedient. People make transactions with money, of one form or another, rather than “utility” or happiness. But even if economists often have no choice but to judge outcomes in terms of who ends up with how many dollars, they can pay more attention to the way focusing on “material well-being”, as determined by the “measuring rod of money”, influences and constrains their work.

Een dollar is minder waard naarmate je rijker bent

The measuring rod itself often causes trouble. Not every dollar is of equal value, for instance. You might think that if two economists were forced to bid on an apple, the winner would desire the apple more and the auction would thereby have found the best, welfare-maximising use for the apple. But the evidence suggests that money has diminishing marginal value: the more you have, the less you value an extra dollar. The winner might therefore end up with the apple not because it will bring him more joy, but because his greater wealth means that his bid is less of a sacrifice. Economists are aware of this problem. It features, for example, in debates about the link between income and happiness across countries. But the profession is surprisingly casual about its potential implications: for example, that as inequality rises, the price mechanism may do a worse job of allocating resources.

Equating dollar costs with value misleads in other ways. That economic statistics such as GDP are flawed is not news. In a speech in 1968 Robert Kennedy complained that measures of output include spending on cigarette advertisements, napalm and the like, while omitting the quality of children’s health and education. Despite efforts to improve such statistics, these problems remain. A dollar spent on financial services or a pricey medical test counts towards GDP whether or not it contributes to human welfare. Social costs such as pollution are omitted. Economists try to take account of such costs in other contexts, for example when assessing the harms caused by climate change. Yet even then they often focus on how environmental change will affect measurable production and neglect outcomes that cannot easily be set against the measuring rod.

Het BNP is een gebrekkige maatstaf

Economists also generally ignore the value of non-market activity, like unpaid work. By one estimate, including unpaid work in American GDP (Gross National Product, oftewel Bruto Nationaal Product, SdB) in 2010 would have raised its value by 26% (and drawn a very different picture of the contributions of different demographic groups). As Diane Coyle of Cambridge University has argued, the decision to exclude unpaid work may reflect the value judgments of the (mostly male) officials who first ran statistical agencies. But it seems likely that economists today still treat things which cannot easily be measured as if they matter less.

Economists are at their least useful when a measuring stick should not be used at all. They have been known to calculate, for example, the financial gains from achieving gender equality. But gender equality has an intrinsic value, regardless of its impact on GDP. Similarly, species loss and forced mass migration impose psychic costs that resist dollar valuation but are nonetheless important aspects of the threat from climate change.

Zijn economie en ethiek twee verschillende zaken?

Such quandaries might suggest that ethical issues should be left to other social scientists. But that division of labour would be untenable. Indeed, economists often work on the basis that tangible costs and benefits outweigh subjective values. Alvin Roth, for example, suggests that moral qualms about “repugnant transactions” (such as trading in human organs) should be swept aside in order to realise the welfare gains that a market in organs would generate. Perhaps so, but to draw that conclusion while dismissing such concerns, rather than treating them as principles which might also contribute to human well-being, is inappropriate. Further, the very act of pulling out the measuring rod alters our sense of value. Though the size of the effect is disputed, psychological research suggests that nudging people to think in terms of money when they make a choice encourages a “businesslike mindset” that is less trusting and generous. Expanding the reach of markets is not just a way to satisfy preferences more efficiently. Rather, it favours market-oriented values over others.

The Pharrell Williams school

Some economists advocate the creation and use of broader measures of well-being. Several organisations, including the European Commission and the World Bank, now publish data series presenting a more comprehensive picture of social health. But the costs of the standard approach are growing. Price is a poor measure of the value of digital goods and services, which are often paid for by giving access to data. Technological progress promises to create ever more situations in which ethical considerations conflict with narrowly material ones. The question of how to increase well-being in such a world deserves greater attention.

Gepubliceerd in The Economist op 3 mei 2018

PS 1. De meest recente actie van Banksy werpt een geheel eigen licht op de dichtregel “Alles van waarde is weerloos”. Voor de eerste keer – naar mijn weten – heeft hij een van zijn kunstwerken ingelijst en te koop aangeboden. Bij Sotheby’s werd er flink wat geld geboden voor zijn ‘schilderij’, iets meer dan een miljoen pond. Op het moment dat de veiligmeester met de hamer slaat, treedt de papierversnipperaar in werking die Banksy had ingebouwd. Kijk hier naar de filmpjes en het commentaar van Guardian-commentator Jonathan Jones. Vraagje aan de economen onder ons: gaat het BNP omhoog of omlaag door de actie van Banksy?

PS 2. Op 4 oktober jl. heeft de Groene Partij in Engeland voorgesteld om niet langer het BNP als maatstaf voor welvaart te hanteren maar de hoeveelheid vrije tijd die de inwoners van een land genieten. In de vorm van een Free Time Index showing how much free time people have to enjoy, arguing that leisure can contribute more to overall happiness than wealth.” Zie verder het mooie korte artikel dat op de website van de New Economics Foundation is te lezen.

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wilt u mij een persoonlijk bericht sturen? Mail naar s.debeter@gmail.com

Wilt u zich op mijn blog abonneren (wat ik zeer waardeer), dan hoeft u alleen uw emailadres in te vullen en daaronder op 'Abonneren' te klikken.

Laatste berichten